Subcommissie Richtlijnen

'Richtlijnen moeten flexibel gehanteerd worden'

  • 5 min.
  • Vereniging

Dr. P.J. Koehler, voorzitter van de subcommissie Richtlijnen, bestrijdt te vuur en te zwaard dat het ontwikkelen van richtlijnen voor neuro­ logisch handelen leidt tot een vorm van 'kookboekgeneeskunde'. Alsof van een recept nooit afgeweken kan worden, vraagt hij zich hardop af. Een kijkje in de keuken.

‘Richtlijnen moeten flexibel gehanteerd kunnen worden. En dat is ook mogelijk omdat we uitgaan van drie categorieën bewijsklassen', aldus de voorzitter die samen met Diederik van Dippel, Jan Kuks, Martien Limburg en Ronald Schellens het bestuur van de subcommissie richtlijnen vormt. Met zijn verwijzing naar drie bewijsklassen doelt Koehler op de mate waarin er wetenschappelijke bewijslast bestaat voor een bewering met betrekking tot medisch handelen in een richtlijn . Bij elke bewering in een richtlijn wordt aangegeven wat de wetenschappelijke onderbouwing ervan is. Bewijsklasse 1

Maak een gratis account aan en krijg toegang tot alle artikelen

Account aanmaken

Heeft u al een account?