NIEUW PROTOCOL HERSENDOOD

‘Zoveel mogelijk de feiten laten spreken in het toch al grijze gebied’

  • 5 min.
  • Wetenschap

Voor alle ziekenhuizen geldt sinds 1 augustus jl. een vernieuwd Hersendoodprotocol, dat de procedurele voorwaarden voor het vaststellen van de hersendood bij orgaandonatie wettelijk verankert. Daarnaast is er een nieuw protocol voor het vaststellen van de dood na een circulatiestilstand, dat wettelijk een vergelijkbare status krijgt als het Hersendoodprotocol. Belangrijk, omdat het aantal gevallen van hersendoodverklaringen en circulatiestilstand al bijna gelijk is. Neurologen-klinisch neurofysiologen dr. Gea Drost en prof. dr. Gert van Dijk en neuroloog-intensivist dr. Michael Kuiper werkten mee aan het nieuwe protocol en leggen uit wat de belangrijkste veranderingen zijn.

Als er één woord is dat de aanpassingen ten opzichte van het laatste Hersendoodprotocol het meest treffend samenvat, is dat: consistentie. Consistentie tussen de twee verschillende protocollen, voor Donation after Brain Death (DBD) en Donation after Circulatory Death (DCD), maar ook tussen de theorie en de praktijk. Preciezer gezegd: wat in de praktijk feitelijk al lang gemeengoed is, is nu formeler vastgelegd. Het gaat niet zozeer om grote veranderingen, maar meer om eenheid van handelen, vat Gea Drost, verbonden aan het UMCG, samen. ‘Nadat we het oude protocol intensief hadden bestudeerd, waren we alle drie in staat gaten te schieten op elkaars flowchart. Als wij het niet kloppend kregen, hoe konden we dan van betrokkenen neurologen, neurochirurgen en intensivisten verwachten dat het hen wél duidelijk was?’ Michael Kuiper, werkzaam in het Medisch Centrum Leeuwarden, vult aa

Maak een gratis account aan en krijg toegang tot alle artikelen

Account aanmaken

Heeft u al een account?